Niki (24) staat op een dag op met buikpijn. Die werd
alleen maar erger. Niki kon het niet geloven toen ze in het
Drie jaar geleden was Niki aan het werk tijdens een feest. Kevin (23), die daar toevallig te gast was, kon zijn ogen niet afhouden van dat leuke meisje. Zij had die avond echter geen tijd voor hem. Kevin speurde later via internet Niki’s gegevens op en vroeg haar mee uit. En meteen op de eerste date schoot Cupido raak! Vanaf dat moment hoorden ze bij elkaar. Ze waren een leuk stel, dat genoeg had aan elkaar. En dat mocht ook in de toekomst zo blijven: al vrij snel besloten ze geen kinderen te blijven. Niki had een moeilijke jeugd achter de rug en was bang dat ze daardoor haar kinderen ook geen fijne jeugd kon geven. Daarom koos ze het zekere voor het onzekere. Kevin dacht daar iets genuanceerder over. Hij wilde best vader worden, liefst van een
meisje. Maar hij legde zich moeiteloos bij het standpunt van Niki neer. Het was niet anders, het was oké. Geen kopietjes van haar of hem in hun leven. Het lot beschikte echter anders….
Niki: ”Het was 20 maart 2011. Ik werd wakker met een soort buikpijn. Het was niet heel erg, maar het voelde wel raar. Anders dan de buikpijn die je hebt bij een griepje.
’Neem maar een pijnstiller en probeer nog even te slapen. Het gaat
wel over’, zei Kevin. Hij had een lange werkdag voor de boeg en vertrok in alle vroegte.
Ik volgde zijn raad op, maar het hielp niet echt. De dagen ervoor had ik ook al last
gehad van mijn buik. Ik was ermee naar de huisarts gegaan. Volgens hem waren mijn darmen gewoon wat onrustig, ik moest maar een paar dagen kalm aan doen. Niks verontrustends.
’s Middags kreeg ik echter steeds meer pijn. Ik was op dat moment met een vriendin aan het chatten en zei tegen haar dat ik even in bad ging liggen. Misschien dat de buikpijn dan minder zou worden. Maar dat was niet zo. Tegen een uur of zes ’s avonds was de pijn zo heftig
dat ik niet meer wist waar ik het zoeken moest. Ik had Kevin al een paar keer geprobeerd tbellen, maar hij was niet te bereiken. Ten einde raad ben ik naar de buurman gegaan om te
vragen of hij me naar het ziekenhuis wilde brengen. Ik
was er op dat moment van overtuigd dat ik een ontstoken blindedarm had die op het punt van springen stond.
’Natuurlijk breng ik je’, zei de buurman. ’Even de kleine aankleden en dan kom ik er aan!’
We zijn naar de spoedeisende hulp gereden. Daar
moesten we wachten tot ik aan de beurt was. Ik kronkelde inmiddels van de pijn. Een toegesnelde arts nam wat bloed af en wilde een urinemonster. Opnieuw moesten we even wachten. Mijn buurman en zijn kindje waren nog steeds bij me. In het ziekenhuis
werd eerst gedacht dat ze mijn man en zoontje waren. Toen dat misverstand uit de wereld was geholpen, vroegen ze hem in de wachtkamer te blijven en werd ik bij de arts naar binnen geroepen.
De dokter kon niet anders dan met de deur in huis vallen: ’Mevrouw, u bent zwanger en u staat op het punt van bevallen. U moet onmiddellijk naar een verloskundige!’Ik raakte helemaal in shock.
’Dat kan niet, die test klopt niet!’ kon ik alleen maar uitbrengen. Ik zwanger? Hoe was dat mogelijk? Ik was elke maand keurig ongesteld geworden! De ene keer wat heftiger dan de andere, maar toch. Dat had ik aan mijn altijd al onregelmatige cyclus geweten.
Omdat ik wat gezet ben van mezelf had ik ook niks gemerkt aan mijn figuur. Sterker
nog: ik had de week ervoor nog een nieuwe broek in maat 48 gekocht, terwijl ik normaal maat 50
heb! Ik was in de veronderstelling dat ik juist afgevallen was. En nu
zou er een kindje in mijn buik zitten? Absoluut onmogelijk… Ik moest Kevin spreken, maar hij
was nog steeds niet te bereiken. Dus ben ik maar samen met de buurman naar de verloskundige
in het ziekenhuis gelopen.
Eenmaal op de afdeling moest ik alleen naar binnen. Dat vond ik ontzettend eng. Ik was alleen en
totaal nergens op voorbereid. Bovendien was het feit dat ik weldra moeder zou worden nog niet tot
me doorgedrongen. Het zweefde ergens rond in mijn hoofd, maar wilde niet echt landen. Ik kon maar aan één ding denken: Kevin! Ik wilde Kevin! Er werden
allerlei vragen gesteld maar ik antwoordde steeds dat ik wilde wachten tot Kevin er was.
De buurman was intussen druk aan het proberen om Kevin alsnog te pakken te krijgen.
Uiteindelijk is hem dat godzijdank gelukt.”
Kevin: ”De schok was bij mij natuurlijk niet minder na het telefoontje van de buurman. Ik zou
vader worden? En wel nu? Ongelooflijk! Hoe kon dit? We hebben allebei werkelijk niks in de gaten gehad. In al die maanden hebben we geen enkel signaal gekregen dat Niki zwanger zou kunnen zijn. Ik was totaal van de kaart, het drong nog helemaal niet tot me door. Ik werkte op dat moment bij een grote landelijke fastfoodketen en had het geluk een dijk van een
manager te hebben. Hij is zonder meer een rots in de branding geweest, de steun die ik op dat moment zo hard nodig had.Hij leidde me naar de auto enbracht me naar het ziekenhuis.
Ondertussen bedacht hij namen en hij zorgde ervoor dat ik wat te eten kreeg.
De tranen stroomden over mijn wangen toen ik, eenmaal in het ziekenhuis, Niki aan een monitor
zag liggen. Ze waren juist bij haar aan het kijken hoeveel weken ze zwanger was. Dat was nog lastig te bepalen, omdat de baby al bijna volgroeid was. Toch bleek uit de echo dat ze ongeveer 37 weken zwanger was en dat het kindje in een goede positie lag voor een natuurlijke bevalling. Maar de baby zou nog niet meteen komen, dus Niki moest proberen om nog wat te slapen. Daar kwam natuurlijk niet veel van terecht. Intussen ben ik wat mensen gaan bellen, waaronder mijn ouders. Ze reageerden boos. Ze voelden zich buiten spel gezet, omdat ik ze niet eerder verteld had over de zwangerschap. Ze beseften niet dat wij ook van niets hadden geweten. Op zich een logische reactie: het was ook zo’n onwerkelijke situatie. Maar onbegrip was wel het laatste dat ik op dat moment kon gebruiken. Van Niki’s ouders kreeg ik haar vader het eerst aan de lijn. Ik vroeg hem: ’Wil je opa worden?’’Ja, natuurlijk!’ antwoordde hij. ’Wanneer is ze uitgerekend?’
’Nu!’ zei ik. Het was maar goed dat de beste man al op een stoel zat…”
Niki: ”In die bange uren voor de naderende bevalling kreeg Kevin via zijn mobiele telefoon veel
steun van mijn beste vriendin. Door de hele tijd met hem te praten, wist ze hem een hart onder de
riem te steken. Het ging er nu op aankomen….
De arts kwam ons de vraag stellen: ’Willen jullie het kindje houden?’ De artsen zijn dit, volgens
het protocol, verplicht om te vragen in die situatie.
’Ja, zeker!’ antwoordde Kevin direct.
’Als Kevin denkt dat we het kunnen, dan doen we het ook’, zei ik zonder aarzelen.
Helaas vorderde de bevalling niet voorspoedig. We waren zo kapot van de dag zelf en alle emoties dat we uiteindelijk toch even weggedoezeld zijn. Om vier uur in de ochtend, het was inmiddels 21 maart, kwam een aantal verpleegsters haastig toegesneld. Het ging niet goed met de baby:
het kindje had het moeilijk en de hartslag viel weg. Er was niet meer genoeg vruchtwater om een
natuurlijke bevalling af te wachten. Er zat maar één ding op: een spoedkeizersnede! Ik schrok
ontzettend. In paniek heb ik gevraagd om een volledige narcose. Het was allemaal wel heel erg veel om te verwerken. Eerst de onverwachte zwangerschap, direct gevolgd door de naderende bevalling. Vervolgens de stress om Kevin te bereiken en nu verkeerde mijn kindje ook nog in levensgevaar! Het was allemaal zo eng! Gelukkig gaf het ziekenhuis alle medewerking. Ik heb van de keizersnede niets meegekregen.”
Kevin: ”Om tien over vijf in de ochtend is ze geboren: Destiny, onze prachtige dochter. Ze was 51 centimeter lang en 3.395 gram schoon aan de haak. De dag bracht ons, behalve het begin van de lente, ook het begin van ons nieuwe leven als gezinnetje. Ik mocht er niet bij z i j n in de operatiekamer, maar heb Destiny wel als eerste gezien! Ik was meteen verkocht en hoefde ook niet te wennen aan haar. Als vanzelfsprekend hoorde ze bij Niki en mij.”
Niki: ”Nog versuft van de narcose werd ik naar haar toegebrachtDaar lag ze: een klein roze
hummeltje in de couveuse. En een trotse papa ernaast. Die eerste dag was alles me
teveel. Alles ging als een film aan me voorbij. Het was alsof ik van een afstandje naar mezelf keek. Er volgden een paar bange dagen. Destiny werd helemaal onderzocht en ik was doodsbang dat ze niet gezond was. Ik had immers negen maanden lang alles gedaan wat een zwangere vrouw eigenlijk niet mocht en vreesde dat dit zijn weerslag op ons kindje zou hebben. Ik wilde in die dagen eigenlijk ook nog niks van Destiny weten. Het besef dat ik
moeder was geworden, dat ik een dochter had, was er nog niet.
Wel ben ik meteen begonnen met borstvoeding geven. Dat wilde ik graag. Ik zag het als
de ultieme poging om een band met Destiny te krijgen. Normaal gesproken bouwen moeders in die negen maanden zwangerschap al een band op met het kind in hun buik. Ik had dat stuk helemaal moeten missen. Met de hulp van de verpleegsters lukte het prima om Destiny zelf te voeden. Uiteindelijk heb ik dat drie maanden lang volgehouden. Wat een opluchting was het om eindelijk de uitslagen van de onderzoeken te krijgen: Destiny was kerngezond! Pas vanaf dat moment begon ik langzaam te genieten.”
Kevin: ”Ik was vreselijk blij en wilde eigenlijk niets missen van die eerste dagen. Maar…er was ook nog een praktische kant aan het verhaal. We hadden echt helemaal niets in huis voor een pasgeboren baby! Ook die leuke, maar tevens nuttige, voorbereidingstijd hebben wij moeten missen. Niki en Destiny moesten één week in het ziekenhuis blijven. Dat was dus de tijd
die ik had om alles in orde te maken. Van een bedje tot en met luiers: alles moest aangeschaft worden. En wonder boven wonder is dat ook gelukt. Met dank aan mijn ouders en Niki’s vader: van hen hebben we alles gekregen wat we nodig hadden voor de kleine meid.
En nog steeds helpen ze ons. We hoeven maar te zeggen dat de luiers op zijn of hup… Er rijdt wel een opa of oma naar Duitsland om een nieuwe lading te halen!
De kraamzorg heeft ons bij thuiskomst goed geholpen en ons geleerd hoe we voor Destiny moesten zorgen. Na de kraamtijd kwam het moment dat Niki en ik met haar alleen waren.”
Niki: ”Ik heb geen seconde moeite gehad met het verzorgende gedeelte. Het scheelt natuurlijk dat ik een opleiding Helpende Zorg en Welzijn volg. Ik ben het gewend om mensen te helpen bij hun dagelijkse verzorging. Wat ik heel erg moeilijk vond, is de organisatie om Destiny heen. Ze heeft die eerste tijd heel veel gehuild en slecht geslapen. Kevin en ik moesten er tot voor
kort zes of zeven keer per nacht uit. Behalve dat de vermoeidheid toesloeg, werd ik er ook superonzeker van. Wat was er met haar? Ik heb in mijn radeloosheid verschillende keren mijn moeder gebeld met de vraag: ’Wat moet ik in godsnaam doen?’ Want wat ik ook
probeerde: een flesje geven, verschonen, wandelen…
Het hielp allemaal niets. Destiny was ontroostbaar. Achteraf denk ik dat het een reactie was op het feit dat ze, terwijl ze in mijn buik zat, helemaal geen aandacht heeft gekregen. Ik geloof dat ze dat heeft gevoeld en dat ze na haar geboorte, als een soort inhaalslag, letterlijk heeft geschreeuwd om die aandacht die ze in mijn buik niet heeft gekregen. Met terugwerkende kracht heeft ze haar rechten alsnog willen opeisen…”
Kevin: ”Ook ik vind de verzorging van Destiny geen enkel probleem. Niets is me wat dat betreft te veel. Wat mij tegenvalt is dat ik nooit meer spontaan kan weggaan. Onze kleine meid is heer en meester over mijn tijd. Altijd en overal moet ik rekening met haar houden. En dat doe ik graag, begrijp me niet verkeerd! Maar ik moet er wel aan wennen. Ik heb niet veel vrienden en vind het soms lastig om mijn ei kwijt te kunnen. En thuis vind ik het moeilijk om rust te vinden. Niki en ik hebben ervoor gekozen om zelf voor Destiny te zorgen. Wij willen haar niet naar een opvang brengen. Overdag, als Niki naar school of op stage is, ben ik thuis bij Destiny. Momenteel werk ik ‘s avonds, ’s nachts en in de weekenden als bus- en taxichauffeur. Dan zijn de rollen omgekeerd en zorgt Niki voor Destiny. Destiny is nog maar één keer in haar leventje een paar uurtjes bij oma geweest. Verder nog nooit. We nemen haar gewoon overal mee naartoe en doen alles samen met
haar: boodschappen doen, de hond uitlaten, naar de kinderboerderij of een keertje shoppen.
Wij hebben de zwangerschapsmaanden niet meegemaakt. We hebben de voorbereiding moeten missen en hebben ons niet kunnen instellen op de komst van een kindje. We willen haar daarom de eerste jaren niet uitbesteden aan anderen. Omdat we om beurten
werken, kunnen we helemaal zelf voor Destiny zorgen. Het is vermoeiend, dat wel. En ons sociale leven staat op een laag pitje. Best moeilijk soms, dat vinden
we allebei. Maar toch ervaren we deze manier van opvoeden als de beste manier.”
Niki: ”Ons leven draait om Destiny. Zij gaat altijd voor. Als we ons loon binnenkrijgen, denken we eerst aan haar. We besparen nergens op. Haar voeding is bijvoorbeeld van het beste A-merk, geen goedkope producten voor haar! Pas daarna zijn Kevin en ik aan
de beurt. Het is geen vetpot bij ons, maar we hebben niets te
klagen. Wij zijn tevreden met kleine dingen. Kevin en ik zijn bijvoorbeeld allebei gek op tatoeages. Pas geleden hebben we allebei Destiny’s naam laten zetten.
Daar zijn we hartstikke blij mee.”
Kevin: ”Of we kopen een keer een nieuw cd’tje, een paar oorbellen of een nieuwe broek. Maar ik hoef er niet een van honderd euro, ik ben ook helemaal happy
met een exemplaar van twintig euro. Het is een manier van je geluk zoeken en vinden in kleine dingen. Maar ons grootste geluk is en blijft Destiny!”
In de woonkamer scharrelt een klein, sierlijk meisje rond. Haar oogjes kijken vrolijk de wereld in. Ze schenkt iedereen een brede glimlach. Het is overduidelijk dat het vertrouwen van dit meisje nog nooit beschaamd is. Haar papa zet haar even lekker op schoot, maar ze
protesteert onmiddellijk. Eenmaal op de grond gaat ze op haar knietjes zitten. Dan kruipt ze razendsnel naar de salontafel en trekt zich op. En alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, begint ze zelfverzekerd op haar acht maanden jonge beentjes rond te stappen!
Een gelukkig lot heeft dit pientere meisje bij deze liefdevolle ouders gebracht. Niki beaamt lachend dat ze de naam Destiny - destijds bedacht door de manager van Kevin inderdaad om zijn bijzondere betekenis gekozen hebben. Het betekent immers ’het lot’, en zo zien ze de komst van Destiny ook.Ook voor Kevin bestaat toeval niet: ”We geloven dat het haar bestemming was om bij ons te komen. Zo voelen wij dat. Ik heb alles één week voor de komst van Destiny gedroomd. Letterlijk. Ik heb gedroomd over de zwangerschap, de steun van mijn toenmalige manager en de geboorte. Ook in mijn droom werd ik vader van een dochter. Ik moest er daarna nog elke dag aan denken en lachte het even zo vaak weer weg. Sinds de geboorte doe ik dat niet meer. Het kan niet anders dan dat het een voorspellende droom is geweest. Het heeft allemaal zo moeten zijn. Nu ben ik alleen maar ontzettend dankbaar. De natuur heeft ons volledig verrast en overdonderd met een fantastisch cadeau.”
Op de vraag of Destiny in de toekomst misschien nog een broertje of zusje zal krijgen,
antwoorden de trotse ouders met een volmondig nee.Niki geeft een toelichting: ”Eén kind vinden
we genoeg. Ze is gezond en we kunnen haar alles geven wat ze nodig heeft. Ze is en blijft
de spil van ons bestaan. Ons kleine, grote wonder. Zo is het mooi en zo is het goed. In
mijn achterhoofd spookt de angst voor een herhaling. Ik ben extra alert op eventuele
signalen. Gisteren en vandaag heb ik bijvoorbeeld last van mijn buik gehad. Ik heb meteen een afspraak bij de dokter gemaakt.
Voor mij geen onverwachte verrassingen
van Moeder Natuur meer!”
Dit is een intervieuw wat ik en expartner hebben gehad via Intense magazine